Het sportmedisch geschiktheidsonderzoek helpt vechtsporters om hun sport op een veilige en verantwoorde manier te beoefenen. Het geeft inzicht in de algemene gezondheidstoestand en brengt mogelijke risico’s bij intensieve fysieke belasting in kaart.
Deze tool biedt een overzicht van het verplichte sportmedisch geschiktheidsonderzoek voor elke actieve risicovechtsporter. Je leest waarom dit onderzoek nodig is, hoe vaak je je moet laten onderzoeken, wat het precies inhoudt en bij welke arts je terechtkan.
Onze richtlijnen zijn gebaseerd op de kwaliteitsstandaard voor het sportmedisch geschiktheidsonderzoek. Deze standaard is te raadplegen via de website van Sport Vlaanderen. De richtlijnen zijn specifiek afgesteld op de beoefening van risicovechtsporten door de artsen in onze Medische Commissie Risicovechtsporten. Sportieq maakte daarnaast een toegankelijke vertaling en biedt heldere basisinformatie over wat een sportmedisch geschiktheidsonderzoek inhoudt, waarom het belangrijk is en wat de richtprijs is. Meer informatie hierover vind je op deze pagina.
- Dit onderzoek is verplicht voor elke risicovechtsporter, ook als de sporter geen competitie doet.
- Een eerste onderzoek gebeurt bij de eerste aansluiting, behalve wanneer je jonger bent dan 6 jaar.
- Op enkele sleutelmomenten wordt de basisinhoud van dit onderzoek aangevuld met een hartonderzoek, een rust-electrocardiogram (rust-ECG).
- Krijg je een rust- en hersteltijd na een hoofdimpact opgelegd door een arts? Dan moet je een beperkte versie van dit onderzoek laten afnemen, gefocust op je neurologisch functioneren, voordat je terug start met contacttraining. Dit is geen klassiek sportmedisch geschiktheidsonderzoek: hier lees je meer over wanneer dit van toepassing is en wat dit inhoudt.
Frequentie van het sportmedisch geschiktheidsonderzoek
Deze tijdslijn geeft een duidelijk overzicht van de verplichte sportmedische geschiktheidsonderzoeken voor risicovechtsporters. Ze toont op welke leeftijd een onderzoek nodig is, wanneer het onderzoek wordt aangevuld met een rust-ECG en hoe vaak het onderzoek moet worden herhaald. Zo kunnen sporters eenvoudig nagaan hoe vaak je je moet laten onderzoeken.
Hoe zit het precies in elkaar qua frequentie en rust-ECG?
- Sluit je voor de leeftijd van 6 jaar aan, dan wacht je tot de leeftijd van 6 jaar om een eerste onderzoek te laten doen. Een standaard sportmedisch onderzoek is pas relevant vanaf 6 jaar.
- Sluit je aan tussen 6 en 13 jaar, dan doe je je eerste onderzoek zonder rust-ECG op het moment van aansluiten (bv. op 6 jaar, of 13 jaar). Een tweede onderzoek volgt op 14 jaar mét rust-ECG. Een derde onderzoek volgt op 18 jaar, opnieuw met rust-ECG.
- Sluit je op 14 jaar aan, dan doe je je onderzoek op 14 jaar mét rust-ECG. Een tweede onderzoek volgt op 18 jaar, mét rust-ECG.
- Sluit je aan tussen 15 en 17 jaar, dan doe je je onderzoek op het moment van aansluiten, mét rust-ECG. Een tweede onderzoek volgt dan na een periode van 4 jaar, opnieuw mét rust-ECG (tweede onderzoek bv. op 19 jaar als je aansloot op 15 jaar, of op 21 jaar als je aansloot op 17 jaar).
- Sluit je op 18 jaar of later aan, dan doe je je eerste onderzoek op dat moment, mét rust-ECG.
- Vanaf 18 jaar herhaal je je onderzoek om de 4 jaar als recreatieve sporter, of om de 2 jaar als competitieve sporter. Deze zijn standaardonderzoeken zonder rust-ECG.
- Op 40 jarige leeftijd herhaal je het onderzoek mét rust-ECG én met bijkomend inspanningsonderzoek. Deze aanvullingen met rust-ECG en inspanningstest worden zéér sterk aanbevolen.
Tijdslijn onderzoeken per leeftijd (wanneer je voor het eerst aansluit)
Je bent jonger dan 6 jaar oud
- Op het moment van aansluiting: nog geen standaard sportmedisch onderzoek.
- Op 6 jaar: eerste standaard sportmedisch onderzoek, zonder rust-ECG.
- Op 14 jaar: tweede onderzoek, met rust-ECG.
- Op 18 jaar: derde onderzoek, met rust-ECG.
- Daarna:
- recreatieve sporter: om de 4 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG;
- competitieve sporter: om de 2 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG.
- Op 40 jaar: onderzoek met een optioneel maar zeer sterk aanbevolen rust-ECG en inspanningsonderzoek.
Je bent tussen 6 en 13 jaar oud
- Bij aansluiting: eerste standaard sportmedisch onderzoek, zonder rust-ECG.
- Op 14 jaar: tweede onderzoek, met rust-ECG.
- Op 18 jaar: derde onderzoek, met rust-ECG.
- Daarna:
- recreatieve sporter: om de 4 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG;
- competitieve sporter: om de 2 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG.
- Op 40 jaar: onderzoek met een optioneel maar zeer sterk aanbevolen rust-ECG en inspanningsonderzoek.
Je bent 14 jaar oud
- Op 14 jaar: eerste onderzoek, met rust-ECG.
- Op 18 jaar: tweede onderzoek, met rust-ECG.
- Daarna:
- recreatieve sporter: om de 4 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG;
- competitieve sporter: om de 2 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG.
- Op 40 jaar: onderzoek met een optioneel maar zeer sterk aanbevolen rust-ECG en inspanningsonderzoek.
Je bent 15 jaar oud
- Bij aansluiting: eerste standaard sportmedisch onderzoek, met rust-ECG.
- Op 19 jaar: tweede onderzoek, opnieuw met rust-ECG. Hierna:
- recreatieve sporter: om de 4 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG;
- competitieve sporter: om de 2 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG.
- Op 40 jaar: onderzoek met een optioneel maar zeer sterk aanbevolen rust-ECG en inspanningsonderzoek.
Je bent 16 jaar oud
- Bij aansluiting: eerste standaard sportmedisch onderzoek, met rust-ECG.
- Op 20 jaar: tweede standaard onderzoek, opnieuw met rust-ECG. Hierna:
- recreatieve sporter: om de 4 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG;
- competitieve sporter: om de 2 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG.
- Op 40 jaar: onderzoek met een optioneel maar zeer sterk aanbevolen rust-ECG en inspanningsonderzoek.
Je bent 17 jaar oud
- Bij aansluiting: eerste standaard sportmedisch onderzoek, met rust-ECG.
- Op 21 jaar: standaard onderzoek, opnieuw met rust-ECG. Hierna:
- recreatieve sporter: om de 4 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG;
- competitieve sporter: om de 2 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG.
- Op 40 jaar: onderzoek met een optioneel maar zeer sterk aanbevolen rust-ECG en inspanningsonderzoek.
Je bent 18 jaar of ouder
- Bij aansluiting: eerste onderzoek, met rust-ECG.
- Daarna:
- recreatieve sporter: om de 4 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG;
- competitieve sporter: om de 2 jaar een standaardonderzoek zonder rust-ECG.
- Op 40 jaar: onderzoek met een optioneel maar zeer sterk aanbevolen rust-ECG en inspanningsonderzoek.
Waarom is een sportmedisch onderzoek verplicht?
Een sportmedisch onderzoek kadert binnen een veilige sportomgeving en heeft als doel:
- gezondheidsrisico’s tijdig op te sporen
- de sporter op een verantwoorde manier te laten deelnemen
- clubs en trainers te ondersteunen in een veilige omkadering
Binnen de vechtsporten blijft een sportmedisch onderzoek een belangrijk onderdeel van een veilige sportbeoefening, zowel voor competitieve als recreatieve sporters. Ook buiten competitie kunnen er tijdens trainingen en sparring contactmomenten optreden, waaronder hoofdimpact. Daarnaast kan de fysieke belasting tijdens trainingen hoog oplopen, met een aanzienlijke belasting van het hart- en vaatstelsel, zelfs zonder direct (hoofd)contact.
Een sportmedisch onderzoek helpt om deze risico’s beter in kaart te brengen en draagt bij aan een verantwoorde sportbeoefening. Het maakt deel uit van een bredere veilige sportomkadering, waarbij clubs en federaties een belangrijke rol spelen in het bewaken van de gezondheid van hun sporters.
Waarom rust-ECG’s op 14, 18 en 40 jaar?
Op enkele sleutelleeftijden wordt het sportmedisch geschiktheidsonderzoek aangevuld met een rust-ECG. De redenen daarvoor verschillen naargelang de leeftijd en de veranderingen in het cardiovasculaire risicoprofiel.
1. Waarom een rust-ECG op 14 jaar?
Vanaf de puberteit worden bepaalde erfelijke hartspierziekten pas zichtbaar. Tegelijk verdwijnen geleidelijk de normale kinderlijke ECG-patronen die de beoordeling op jongere leeftijd bemoeilijken. Een eerste rust-ECG is daarom rond 14 jaar beter interpreteerbaar en kan verborgen hartafwijkingen helpen opsporen.
2. Waarom een rust-ECG op 18 jaar?
Sommige hartafwijkingen ontwikkelen zich geleidelijk tijdens de adolescentie en zijn op 14 jaar nog niet altijd zichtbaar. Een nieuw rust-ECG op 18 jaar kan veranderingen sinds het eerste onderzoek opsporen en vormt een referentiemeting aan het begin van de volwassenheid.
3.Waarom een inspannings-ECG op 40 jaar?
Vanaf de middelbare leeftijd verandert het cardiovasculaire risicoprofiel en neemt vooral het belang van coronairlijden (vernauwing van de bloedvaten die de hartspier van bloed voorzien) en ritmestoornissen toe. Een rust-ECG kan relevante elektrische afwijkingen opsporen en helpt, samen met de anamnese en het klinisch onderzoek, bepalen of verder cardiaal onderzoek aangewezen is.
Onderdelen van het onderzoek
Vragenlijst
Om zo efficiënt mogelijk te werk te gaan, is het zeer sterk aangeraden om als sporter vooraf de gratis digitale Sportkeuring.be-vragenlijst in te vullen: https://www.sportkeuring.be/. Deze vragenlijst brengt je persoonlijke en familiale medische voorgeschiedenis in kaart, onder andere:- eerdere medische problemen;
- klachten tijdens inspanning;
- familiale voorgeschiedenis, bijvoorbeeld hartproblemen.
Als je vechtsport niet in de lijst met sportkeuzes staat, kan je “Andere risicovechtsport (vechtsporten waar slagen of stoten op het hoofd mogelijk zijn)” aanduiden. Je vult de vragenlijst best op voorhand in en bezorgt de resultaten aan je arts, of je drukt ze af en neemt ze mee naar je afspraak. Zo bespaar je tijd tijdens het onderzoek zelf. Opgelet: Het is belangrijk dat je in het formulier onder “reden” de optie “vraag van mijn sportorganisatie” aangeeft. Indien dit niet gedaan wordt kom je uit op een vragenlijst voor andere sporten met een systeem van kleurencodes die niet van toepassing is voor risicovechtsporters en verwarring kan veroorzaken.
Lichamelijk onderzoek
Tijdens het lichamelijk onderzoek beoordeelt de arts of je veilig kan sporten.
Dit omvat onder andere:
- Cardiovasculair onderzoek: controle van hart en bloeddruk en éénmalig het rustelektrocardiogram vanaf 14 jaar
- Ademhalingsstelsel: evaluatie van de longfunctie
- Neurologisch onderzoek: controle van reflexen, coördinatie en evenwicht
- Bewegingsstelsel: evaluatie van spieren en gewrichten
- Algemene fysieke toestand: inschatting van de algemene conditie
- Bijkomende specifieke elementen: bijvoorbeeld of je een aangepast mondstuk nodig hebt als je een beugel draagt
Bij welke arts kan je terecht voor het onderzoek?
We raden sterk aan dat dit sportmedisch geschiktheidsonderzoek wordt uitgevoerd door een arts met affiniteit met vechtsporten.
Op onze lijst met keuringsartsen geven we een overzicht van zo’n artsen met een link met één of meerdere vechtsporten. Heeft de arts daar bovenop ook een VASO-licentie, dan weet je zeker dat het gebruikte protocol voor het onderzoek in lijn ligt met de wetenschappelijk onderbouwde aanbeveling voor dit type onderzoeken, zoals opgesteld door SKA.